|
|
||
| You are home- www.agp-internet.com/react- profetie.nl.nu | ||
|
* Openbaring 22
De stroom van levend water
Vers 1: En hij toonde mij een zuivere rivier van het water des levens, klaar als kristal, voortkomende uit de troon van God en het Lam. 2: In het midden van haar straat en op de ene en de andere zijde van de rivier was de boom des levens, voortbrengende twaalf vruchten, van maand tot maand gevende zijn vrucht; en de bladeren van de boom zijn tot genezing van de heidenen.
EN HIJ TOONDE MIJ EEN ZUIVERE RIVIER “De profeet ziet de ‘rivier des levens,’ ontspringende uit de troon van God en van het Lam. ‘En aan weerszijden van de rivier staat de boom des levens.’ En de dood zal niet meer zijn, want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.” – Karaktervorming p. 298.
Vers 3: En geen vervloeking zal er meer tegen iemand zijn; en de troon Gods en van het Lam zal daarin zijn, en Zijn dienstknechten zullen Hem dienen. 4. En zullen Zijn aangezicht zien, en Zijn naam zal op hun voorhoofden zijn. 5: En aldaar zal geen nacht zijn, en zij zullen geen kaars noch licht van de zon van node hebben; want de Here God verlicht hen; en zij zullen als koningen heersen in alle eeuwigheid.
EN GEEN VERVLOEKING ZAL ER MEER ZIJN “Daar zal niets zijn om ‘kwaad te doen noch verderf te stichten op geheel Mijn heilige berg’, zegt de Here (Jesaja 65: 25). De mens zal in zijn verloren koningschap hersteld worden en de lagere orde van de schepselen zal wederom zijn gezag erkennen; en de grimmigen zullen daar een zacht karakter hebben en de vreesachtigen zullen vol vertrouwen zijn.’ – Karaktervorming p. 299.
“Daar zullen de verlosten ‘kennen zoals zij gekend zijn’. De liefde en genegenheid die God zelf in ons heeft gelegd, zullen er op de heerlijkste en fijnste manier worden uitgedrukt. De zuivere gemeenschap met de heilige wezens, de harmonieuze samenleving met de engelen en met de gelovigen van alle eeuwen die hun gewaden gewassen hebben in het bloed van het Lam en de heilige banden die ‘alle geslacht in de hemel en op de aarde samenbinden’ dragen bij tot het geluk van de verlosten, Efeziërs 3:15.
Daar zullen onsterfelijke wezens zich in eeuwige verrukking verdiepen in de wonderen van de scheppingskracht en in de verborgenheden van de verlossende liefde.” – GS p. 623
WAARSCHUWINGEN EN BELOFTEN
Vers 6: En hij zeide tot mij: Deze woorden zijn getrouw en waarachtig; en de Heere, de God der heilige profeten, heeft Zijn engel gezonden, om Zijn dienstknechten te tonen, hetgeen haast moet geschieden. 7: Zie, Ik kom haastiglijk; zalig is hij, die de woorden der profetie dezes boeks bewaart. 8: En ik, Johannes, ben degene, die deze dingen gezien en gehoord heb. En toen ik ze gehoord en gezien had, viel ik neder om aan te bidden voor de voeten des engels, die mij deze dingen toonde. 9: En hij zeide tot mij: Zie, dat gij het niet doet; want ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, der profeten, en dergenen, die de woorden dezes boeks bewaren; aanbid God.
DEZE WOORDEN ZIJN GETROUW “De engel uit de hemel kwam in majesteit tot Johannes, zijn aangezicht blinkend van de uitnemende heerlijkheid van God. Hij openbaarde aan Johannes tonelen van groot en treffend belang in de geschiedenis van de gemeente van God, en toonde hem de gevaarlijke strijd, die de volgelingen van Christus zouden moeten doorstaan. Johannes zag hen door de hitte van de verdrukking gaan, en nadat zij wit gemaakt en beproefd waren, tenslotte als zegevierende overwinnaars op heerlijke wijze verlost in het koninkrijk Gods. Het aangezicht van de engel blonk van blijdschap, en was uitermate heerlijk, toen hij aan Johannes de uiteindelijke overwinning van de gemeente Gods toonde. En toen de apostel de uiteindelijke verlossing van de gemeente zag, raakte hij in vervoering door de heerlijkheid van het toneel, en viel met diepe eerbied en ontzag voor de voeten van de engel, om hem te aanbidden. De hemelse boodschapper richtte hem onmiddellijk op, en hem zacht bestraffende, sprak hij: ‘Zie dat u dat niet doet; ik ben uw mededienstknecht en van uw broederen, die het getuigenis van Jezus hebben; aanbid God; want het getuigenis van Jezus is de geest der profetie.” Openbaring 19: 10 – EG p. 274.
Vers 10: En hij zei tot mij: Verzegel de woorden der profetie van dit boek niet; want de tijd is nabij.
“BRENG SCHERP OMLIJNDE WAARHEDEN NAAR VOREN. De gevaren van de laatste dagen liggen voor ons en in ons werk moeten wij het volk waarschuwen voor de gevaren die er zijn. Laat de belangrijke gebeurtenissen die de profetie heeft geopenbaard niet links liggen. Als ons volk half waakzaam zou zijn, als het zich de nabijheid zou realiseren van de gebeurtenissen die in De Openbaring uitgebeeld worden, zou er een reformatie in onze gemeenten plaatsvinden, en veel meer dan nu zouden de waarheid geloven.
Wij hebben geen tijd te verliezen; God roept ons op te waken over zielen als degenen die rekenschap zullen moeten afleggen ….... Laat Daniël spreken, laat De Openbaring spreken, en vertel wat waarheid is. Maar welk deel van het onderwerp ook naar voren gebracht zal worden, verhoog Jezus als het middelpunt van alle hoop, ‘de Wortel en het geslacht van David.’
DE PROFETIE IS HET FUNDAMENT VAN ONS GELOOF.
Predikanten moeten het vaste woord van de profetie naar voren brengen als het fundament van het geloof van de zevende – dags – adventisten. De profetieën van Daniël en De Openbaring moeten zorgvuldig onderzocht worden, en in verband daarmee de woorden: ‘Zie het Lam Gods dat de zonden der wereld wegneemt.’
Telkens en telkens weer wordt mij voorgehouden dat het vierentwintigste hoofdstuk van Matthéus onder de aandacht van allen moet worden gebracht. Wij leven in de tijd waarin de voorspellingen van dit hoofdstuk zich vervullen. Laten onze predikanten en leraars deze profetieën verklaren aan degenen die zij onderricht geven. Laten ze zaken van minder belang buiten beschouwing laten, en de waarheden naar voren die de bestemming van zielen bepalen.” – Evangelism p. 195,6.
Vers 11: Die onrecht doet, dat hij nog onrecht doe; en die vuil is, dat hij nog vuil worde; en die rechtvaardig is, dat hij nog gerechtvaardigd worde; en die heilig is, dat hij nog geheiligd worde.
DIE ONRECHT DOET “Wanneer de boodschap van de derde engel aan de wereld is gebracht, komt er ook een eind aan Gods barmhartigheid tegenover de schuldige mensen. Gods volk heeft zijn taak volbracht. Ze hebben ‘de late regen’, de verkoeling van het aangezicht des Heren’ ontvangen en zijn voorbereid op de ‘ure der beproeving’ die voor de deur staat. De engelen ontplooien een grote activiteit in de hemel. Een engel die van de aarde komt, zegt dat zijn werk af is. De Wereld is voor de laatste keer getoetst. Iedereen die Gods geboden heeft bewaard, heeft ‘het zegel van de levende God’ ontvangen. Dan komt er een eind aan Jezus’ middelaarschap in het hemelse heiligdom. Hij heft Zijn handen op en zegt met luide stem: ‘Het is geschied.’ Alle engelen zetten hun kronen af wanneer Christus de plechtige woorden uitspreekt: ‘Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog vuiler, wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd.’ Er is een beslissing gevallen over het lot van alle mensen, namelijk het eeuwige leven of de eeuwige dood.” – GS p. 567.
Vers 12: En zie, Ik kom haastig; en Mijn loon is met Mij, om een iegelijk te vergelden, gelijk zijn werk zal zijn.
EN MIJN LOON IS MET MIJ “Ons werk zal hier spoedig afgesloten worden, en een ieder zal zijn beloning ontvangen overeenkomstig zijn eigen werk. Mij werd de beloning van de heiligen getoond, de onvergankelijke erfenis, en ik zag dat degenen die het meeste ten behoeve van de waarheid hadden gedaan niet zullen denken dat ze een moeilijke tijd hebben gehad, maar dat de hemel goedkoop genoeg is.” – 1 T p. 381.
“Elke dag draagt zijn last van het verslag van onvervulde plichten, van verzuim, van zelf zucht, van misleiding, van bedrog. Welk een hoeveelheid aan boze werken stapelt zich op voor het laatste oordeel! Als Christus komt, ‘Is Zijn loon met Hem,’ om een ieder te vergelden naar zijn werken. Welk een openbaring zal dan plaatsvinden. Welk een ontsteltenis op het aangezicht van sommigen als de daden van hun leven openbaar gemaakt worden op de bladzijden van de geschiedenis’ – 2 T. p. 160.
“De komst van Christus is nabij en komt haastig. De tijd waarin nog gewerkt kan worden is kort, en mannen en vrouwen komen om …... Wij hebben behoefte aan de bekerende kracht van God om bezit van ons te nemen zodat wij de behoeften van een ondergaande wereld kunnen begrijpen. De last van mijn boodschap aan u is: Bereid u voor, bereid u voor om uw Here te ontmoeten. Snoei uw lampen en laat uw licht der waarheid schijnen in de wegen en heggen. Er is een wereld die gewaarschuwd moet worden voor het naderende einde van alle dingen
Laat ons zoeken naar een nieuwe bekering. Wij hebben behoefte aan de tegenwoordigheid van Gods Heilige Geest, opdat onze harten zacht zullen worden en wij geen harde geest in het werk brengen. Ik bid dat de Heilige Geest volledig bezit van onze harten zal nemen. Laat ons handelen gelijk kinderen van God die tot Hem opzien om raad, bereid om Zijn plannen uit te werken waar dit nodig is. God zal verheerlijkt worden door zo’n volk, en degenen die onze ijver zien zullen zeggen: Amen en amen.” – 9 T. p. 105-108.
Vers 13: Ik ben de Alfa, en de Oméga, Het Begin en het Einde; de Eerste en de Laatste.
DE EERSTE EN DE LAATSTE “Jezus was het licht van Zijn volk – het licht der wereld – eer Hij in menselijke gedaante naar de aarde kwam. De eerste lichtstraal die het duister waarin de wereld zich bevond, verlichtte, was afkomstig van Christus. Van Hem komt elke straal van hemels licht waardoor de bewoners der wereld worden verlicht. In het verlossingsplan is Christus de Alfa en de Oméga – de Eerste en de Laatste.” – P. & P p. 331.
Vers 14: Zalig zijn zij, die Zijn geboden doen, opdat hun macht zij aan de boom des levens, en zij door de poorten mogen ingaan.
ZALIG ZIJN ZIJ “Verwachten wij tenslotte de hemel binnen te zullen gaan en ons te voegen bij de hemelse schare? Zoals wij in het graf gaan zullen wij weer opstaan voor zover het ons karakter betreft …... Nu is de tijd voor wassen en strijken .....
Johannes zag de troon van God en rondom de troon een gezelschap en hij vroeg: ‘Wie zijn zij?’ Het antwoord kwam, ‘Dezen zijn het die ...... hun klederen gewassen en wit gemaakt hebben in het bloed van het Lam.’ Openbaring 7:4.
Christus leidt hen tot de fonteinen van levend water en daar is de boom des levens en daar is de dierbare Verlosser. Daar is geen pijn, verdriet, ziekte of dood. Alles is vrede en harmonie en liefde …....
Nu is het de tijd om genade en kracht en sterkte te combineren met onze menselijke pogingen opdat wij karakters kunnen vormen voor het eeuwig leven. Als wij dit doen zullen wij ontdekken dat de engelen van God ons dienen, en wij zullen erfgenamen zijn van God en mede-erfgenamen met Jezus Christus.
En als de laatste bazuin zal klinken, en de doden Uit hun gevangenis geroepen zullen worden en in een moment veranderd worden, in een oogwenk, zullen de kronen van de onvergankelijke heerlijkheid op de hoofden van de overwinnaars geplaatst worden. De paarlen poorten openen zich voor de volkeren die de waarheid behouden hebben en zij zullen binnen gaan. De strijd is ten einde.
‘Komt gij gezegende Mijns Vaders, beërft het koninkrijk dat voor u bereid is vanaf de grondlegging der wereld.’ (Matthéus 25: 34).Willen wij deze zaligspreking? Ik wel en ik geloof u ook. Moge God u helpen dat u de strijd van dit leven zult strijden en de overwinning behalen dag aan dag en dat u tenslotte zult behoren tot degenen die hun kronen aan de voeten van Jezus leggen, de gouden harpen aanraken en de hemel vullen met de lieflijkste muziek. Ik wens dat u mijn Jezus zult liefhebben …... Verwerp mijn Verlosser niet, want Hij heeft een oneindige prijs voor u betaald. Ik zie in Jezus weergaloze aantrekkelijkheden en ik wens dat u die ook zult zien.” IHP p. 369 — Maranatha p. 334.
Vers 15: Maar buiten zullen zijn de honden, en de tovenaars, en de hoereerders, en de doodslagers, en de afgodendienaars, en een iegelijk die de leugen liefheeft en doet.
MAAR BUITEN ZULLEN ZIJN: “Wanneer de onherroepelijke beslissing in het hemels heiligdom is gevallen en het lot van de wereld voor eeuwig zal zijn bepaald, zullen de bewoners van de aarde dit niet weten. De godsdienstige vormen zullen worden gehandhaafd door mensen van wie Gods Geest voor goed is weggenomen. De satanische ijver waarmee de vorst der duisternis hen zal bezielen zijn boosaardige plannen ten uitvoer te brengen, zal erg veel op de ijver voor Gods zaak lijken.” – GS p. 568.
Vers 16: Ik, Jezus, heb Mijn engel gezonden om ulieden deze dingen te getuigen in de gemeenten. Ik ben de Wortel en het geslacht Davids, de blinkende Morgenster.
IK HEB MIJN ENGEL GEZONDEN “De gevaren van de laatste dagen liggen voor ons, en in ons werk moeten wij het volk waarschuwen voor het gevaar waarin het verkeert. Laat de ernstige beelden die de profetie heeft geopenbaard niet onaangeroerd liggen. Als ons volk waakzaam zou zijn, als zij zich de nabijheid zouden realiseren van de gebeurtenissen die in De Openbaring worden uitgebeeld, zou een reformatie plaatsvinden in onze gemeenten, en veel meer zouden geloven in de boodschap. Wij hebben geen tijd te verliezen …... Bevorder nieuwe beginselen, en breng de duidelijk omschreven waarheden naar voren. Ze zullen zijn als een tweesnijdend scherp zwaard. Maar wees niet te snel met het innemen van een te voortvarend gedrag. Er zijn tijden waarin wij moeten zwijgen. Laat Daniël spreken, laat De Openbaring spreken, en vertel wat waarheid is. Maar welk onderwerp ook besproken zal worden, noem Jezus als het middelpunt van alle hoop, ‘de Wortel van het geslacht Davids, de blinkende Morgenster.’
Wij graven niet diep genoeg in ons zoeken naar de waarheid. Elke ziel die de huidige waarheid gelooft zal gebracht worden in situaties waarin hij gevraagd wordt een reden te noemen van de hoop die in hem is. Het volk van God zal opgeroepen worden om zich te verantwoorden voor koningen, en prinsen, heersers en de grote mannen der aarde, en zij moeten weten wat waarheid is. Zij moeten bekeerde mannen en vrouwen zijn. God kan u in een ogenblik door Zijn Heilige Geest meer leren dan u kunt leren van de grote mannen der aarde. Tegen een oneindige prijs heeft God voor elk mens voorzien in de mogelijkheden die hem wijs kunnen maken tot zaligheid. Hoe verlangend zien engelen toe of wij van deze mogelijkheden gebruik zullen maken. Als Gods volk een boodschap wordt voorgehouden, moeten ze zich daar niet tegen keren, zij moeten de Bijbel nemen, die vergelijken met de wet en het getuigenis, en als ze die toets niet kan doorstaan, is ze niet juist. God wil dat ons verstand zich verder ontwikkeld. Hij wil ons Zijn genade schenken. Elke dag kunnen wij ons te goed doen aan goede dingen want God kan de hele schatkist van de hemel voor ons openen.’ – TM p. 118,9.
Vers 17: En de Geest en de Bruid zeggen: Kom! En die het hoort, zegge: Kom! En die dorst heeft, kome; en die wil, neme het water des levens om niet.
EN DIE WIL “De geest en de bruid zeggen: Kom! En die hoort, zegge: Kom!” Iedereen die het hoort moet de uitnodiging herhalen. Welk werk iemand ook doet, zijn eerste belangstellig moet uitgaan naar het winnen van zielen voor Christus. Misschien kan hij niet voor vergaderingen spreken, maar hij kan hun het onderricht van zijn Heer doorgeven. De evangeliedienst bestaat niet alleen uit preken. Zij die de zieken en lijdenden helpen, de behoeftigen terzijde staan en bemoedigende woorden spreken tot de hopelozen en mensen met een klein geloof, dienen het evangelie. Dichtbij en veraf zijn mensen die gebukt gaan onder een schuldgevoel. De mensheid ontaard niet door ontbering, hard werken of armoede, maar door schuld en overtreding. Daardoor ontstaat onrust en onvoldaanheid. Christus wil dat Zijn dienaars degenen helpen die ziek zijn door de zonde.” – Wens p. 684.
Vers 18: Want ik betuig aan een iegelijk die de woorden van de profetie van dit boek hoort; Indien iemand tot deze toedoet, God zal hem toedoen de plagen die in dit boek geschreven zijn. 19: En indien iemand afdoet van de woorden van het boek van deze profetie, God zal zijn deel afdoen uit het boek des levens, en uit de heilige stad, en uit hetgeen in dit boek geschreven is.
WANT IK BETUIG AAN EEN IEGELIJK: “Dit zijn de waarschuwingen die God gegeven heeft om de mensen er van te weerhouden op enige wijze verandering aan te brengen in hetgeen God geopenbaard of bevolen heeft. Deze plechtige waarschuwingen gelden voor allen die de mensen door hun invloed er toe aanzetten Gods wet gering te achten. Die verklaren dat het niets uitmaakt of wij Gods wet al dan niet gehoorzamen, zouden bij het horen van deze woorden moeten vrezen en beven. Iedereen die zijn opvattingen boven Gods openbaring stelt, iedereen die de duidelijke betekenis van de Schrift verandert en aan zijn eigen smaak aanpast of versoepelt ten einde in harmonie te zijn met de wereld, neemt een vreselijke verantwoording op zich.” – GS p. 254,5.
Vers 20: Die deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom haastiglijk. Amen. Ja, kom, Here Jezus! 21: De genade van onze Here Jezus Christus zij met u allen. Amen.
|
||