|
|
||
| You are home- www.agp-internet.com/react- ellenwhite.nl.nu - Themasite Ellen G. White | ||
|
Raadgevingen aan Predikanten
(14)
Aan een werker met een jarenlange ervaring, in de stad New York. Toen ik de toestand te New York overdacht, drukte er een grote last, op mijn ziel. In de nacht zijn de zaken mij in dit licht voorgesteld: New York zal bewerkt worden; er zullen openingen voor het werk aangetroffen worden in delen van de stad, waar geen kerken zijn, waar de waarheid zich ruinte zal verschaffen. Er is zeer veel werk to doen met betrekking tot de verkondiging van de waarheid voor deze tijd aan degenen, die dood zijn door de misdaden en zonden. Schokkende boodschappen zullen gebracht worden door mannen, die God zal aanstellen, boodschappen van zulk een aard dat de mensen erdoor gewaarschuwd worden en opwaken, En terwijl sommigen geërgerd zullen worden door de waarschuwing en ertoe geleid zullen worden om het licht en de bewijzen te weerstaan moeten wij daaruit zien dat wij de toetsende boodschap voor deze tijd moet en verkondigen.
Ongewone boodschappen zullen gegeven worden. De oordelen Gods zijn in het land. Terwijl er stadszendingen gesticht moeten worden, weer colporteurs Bijbelarbeiders en praktische medische zendelingen opgeleid worden om zekere klassen van mensen te bereiken, moeten wij in onze steden evenzeer toegewijde evangelisten hebben, door wie de boodschap op zulk een besliste wijze gebracht wordt; dat de hoorders opschrikken.
“Breng voort het blinde volk, hetwelk ogen heeft, en de doven, die oren hebben. Laat al de heidenen samen vergaderd worden, en laat de volken verzameld worden; wie onder hen zal dit verkondigen? Of laat hen ons doen horen de vorige dingen, laat hen hun getuigen voortbrengen, opdat zij gerechtvaardigd worden, en men het hore en zegge: Het is de waarheid. Gijlieden zijt Mijn getuigen, spreekt de HEERE, en Mijn knecht, dien Ik uitverkoren heb; opdat gij het weet, en Mij gelooft, en verstaat, dat Ik Dezelve ben, dat voor Mij geen God geformeerd is, en na Mij geen zijn zal. Ik, Ik ben de HEERE, en er is geen Heiland behalve Mij. Ik heb verkondigd, en Ik heb verlost, en Ik heb het doen horen, en geen vreemd god was onder ulieden; en gij zijt Mijn getuigen, spreekt de HEERE, dat Ik God ben. Ook eer de dag was, ben Ik, en er is niemand, die uit Mijn hand redden kan; Ik zal werken, en wie zal het keren?” Jesaja 43: 8-13 STV.
“En Ik zal de blinden leiden door den weg, dien zij niet geweten hebben, Ik zal ze doen treden door de paden, die zij niet geweten hebben; Ik zal de duisternis voor hun aangezicht ten licht maken, en het kromme tot recht; deze dingen zal Ik hun doen, en Ik zal hen niet verlaten. Maar die zich op gesneden beelden verlaten, die tot de gegoten beelden zeggen: Gij zijt onze goden; die zullen achterwaarts keren, en met schaamte beschaamd worden. Hoort, gij doven! en schouwt aan, gij blinden! om te zien. Wie is er blind als Mijn knecht, en doof, gelijk Mijn bode, dien Ik zende? Wie is blind, gelijk de volmaakte, en blind, gelijk de knecht des HEEREN? Gij ziet wel veel dingen, maar gij bewaart ze niet; of schoon hij de oren opendoet, zo hoort hij toch niet. De HEERE had lust aan hem, om Zijner gerechtigheid wil; Hij maakte hem groot door de wet, en Hij maakte hem heerlijk.” Jesaja 42: 16-21 STV
Het werk dat in deze schriftuurplaatsen geschetst word, is het werk dat voor ons ligt. De worden “Mijn dienstknecht”, “Israël”,”de dienstknecht des Heren,” heeft betrekking op en ieder die de Here verkiezen en aanstellenzal om een zeker werk te doen. Hij maakt hen dienaars van Zijn wil, al zijn sommigen, die gekozen worden, even onwetend aangaande zijn wil, als Nebukadnezar was.
God zal werken voor hen onder Zijn volk, die zich willen onderwerpen aan de werking van de Heilige Geest Hij geeft Zijn heerlijkheid tot onderpand van het welslagen van de Messias en Zijn koningrijk. “Alzo zegt God, de HEERE, Die de hemelen geschapen, en dezelve uitgebreid heeft, Die de aarde uitgespannen heeft, en wat daaruit voortkomt; Die den volke, dat daarop is, den adem geeft, en den geest dengenen, die daarop wandelen: Ik, de HEERE, heb u geroepen in gerechtigheid, en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u geven tot een Verbond des volks, tot een Licht der heidenen. Om te openen de blinde ogen, om de gebondenen uit te voeren uit de gevangenis, en uit het gevangenhuis, die in duisternis zitten.
Wie onder ulieden neemt zulks ter oren? Wie merkt op en hoort, wat hierna zijn zal?” Jesaja 42: 5-7,23
Het volk Gods dat licht en kennis gehad heeft, heeft Gods hoge en heilige voornemen niet uitgevoerd. Zij zijn niet van overwinning tot overwinning voortgegaan, nieuwe arbeidsvelden openende en hebben de standaard niet in de steden en voorsteden ervan opgeheven. Er is grote geestelijke blindheid getoond door hen, wie de Here een groot licht heeft doen stralen, maar die niet in het licht voortgegaan zijn tot groter licht. Leden van de kerk zijn niet aangemoedigd worden om geestelijke zenuwen en spieren te gebruiken om het werk te doen voortgaan. Zij moeten leren verstaan, dat predikanten hen niet zalig kunnen maken, door over hen te blijven waken. Op die wijze worden zij zwakke mannen, terwijl zij sterk moesten zijn.
In iedere gemeente moeten er jonge mannen en vrouwen kozen worden om verantwoordelijkheid te dragen. Laat hen alle pogingen in het werk stellen om zich te bekwamen om anderen, die de waarheid niet kennen, te helpen. God vraagt om ernstige, toegewijde werkers. De nederigen en verslagenen van geest zullen door persoonlijke ervaring leren dat er behalve Hem geen Heiland is.
Bijbelwaarheden moeten geleerd en beoefend worden. Iedere lichtstraal, die gegeven wordt, moet met heldere, duidelijke klaarheid schijnen. De waarheid moet verspreid worden als een lamp die brandt. Er zijn honderden van Gods dienstknechten die een deze oproeping gehoor moeten geven, er in het arbeidsveld moeten gaan, als ernstige, zielenreddende werkers, die opkomen tot die hulp des Heren, tegen de sterken. God vraagt om levendige mannen; mannen die vol zijn van de levenschenkende invloed van Zijn Geest; mannen die God erkennen als de Opperheerser, en van Hem overvloedig bewijs ontvangen van de vervulling van Zijn beloften; mannen, die niet lauw zijn, maar ijverig en vurig door Zijn liefde.
Al zou de arbeid, die gedurende de laatste twintig jaren aan de gemeenten besteed is, er weer aan besteed worden, zouden ze niettemin tekort schieten, gelijk ze in het verleden te kort geschoten zijn, om van de leden zelfverloochenende, kruisdragende volgelingen van Christus te maken. Velen zijn overvoed met geestelijk voedsel, terwijl er in de wereld duizenden omkomen uit gebrek aan het broed des levens. Gemeenteleden moeten werken; zij moeten zichzelf opvoeden, en er naar streven om de hoge standaard, die hun voorgesteld s te bereiken. De Here zal hen helpen deze standaard to bereiken indien zij met Hem samen werken Wanneer zij zelf hun eigen zielen in de liefde der, waarheid bewaren, zullen zij de predikanten niet weerhouden om de waarheid naar nieuwe arbeidsvelden te brengen.
Zodra de gemeenten het licht ontvingen, had er in de grote steden gewerkt moeten oorden naar velen hebben geen ambitie voor de redding van zielen gevoeld, en satan heeft hun christelijke ervaring verdorven, doordat hij hen open vond voor zijn verzoekingen. God vraagt Zijn volk om berouw te hebben, zich te bekeren, en terug te gaan tot hun eerste liefde, die zij verloren hebben, omdat zij de voetstappen van de zelfopofferende Verlosser niet volgden.
Met moed en eenvoud
De tijd ie gekomen om besliste pogingen in het werk te stellen in plaatsen, waar de waarheid nog niet verkondigd is. Hoe zal het werk des Heren gedaan worden? In iedere plaats, waar men gaat, moet er een vast fundament voor blijvend werk worden gelegd. Des Heren wijze van werken meet gevolgd worden. Het past u niet om u vrees te laten aanjagen door uiterlijke schijn, hoe afschrikkend die ook mag zijn. Wat u past, is het werk voort to zetten, gelijk de Here gezegd heeft dat het voortgezet meet worden. Predikt het woord, en de Here zal door Zijn Heilige Geest overtuiging in de harten der hoorders zenden. De Schrift zegt: “En zij gingen overal heen om te prediken en de Heere werkte mee en bevestigde het Woord door de tekenen die erop volgden.” Markus 16:20 Herz. Statenvert.
De arbeiters moeten ieder hun deel van het werk doen; zij moeton van huis tot huis gaan, om bijbellezingen in gezinnen houden. Zij moeten hun wasdom in genade tonen door onderwerping aan de wil van Christus. Op die wijze zullen zij rijke ervaring opdoen. Terwijl zij in het geloof de woorden van Christus ontvangen, aannemen, om gehoorzamen, zal het werk van de Heilige Geest in hun levenswerk worden gezien. Er zal een innerlijke kracht van ernstig streven bespeurd worden. Er zal een geloof worden aangekweekt , dat door de liefde werkt en de ziel loutert. De vrucht des Geestes zal in het leven worden gezien.
Christus is het licht der wereld, Zij die Hem volgen, wandelen niet in duisternis, maar hebben het licht des levens. Johannes verklaarde van Christus “Zo velen Hem aangenomen
hebben, die heeft Hij macht gegeven, kinderen Gods te worden, namelijk, die in Zijn naam geloven.” Joh. 1: 12 Aanschouwt Christus. Door op Hem te zien, worden hart en geest, en karakter gelijkvormig gemaakt aan de wil van God.
Er is behoefte aan al het onderricht, dat onze zending geven kan.
Zet uw werk voort in de kracht van dezelfde Geest, die tot de stichting ervan geleid heeft Voedt de mensen op in de weg des Heren door middel van de schriftverklaring, door gebed, door beoefening van geloof en er zal een kerk opgebouwd worden, die gegrond is op de Rots, Jezus Christus.
Het werk moet in de eenvoud der waarheid gedaan worden; God zegt: “Ik heb woorden van aanmoediging voor u.” De Here heeft in onze grote steden vele dierbare zielen, die de knie voor Baal niet gebogen hebben, en Hij heeft er ook, die Baal in onwetendheid hebben aangebeden. Op dezen moet het licht der waarheid schijnen, opdat zij Christus als de Weg, de Waarheid en het Leven mogen zien.
Doet uw werk in ootmoedigheid. Ga nooit hoger dan de eenvoud van het evangelie van Christus. Niet door vertoon te maken, maar door het verheffen van Christus, de Verlosser, Die de zonde vergeeft, zult u erin slagen om zielen te winnen. Terwijl u in ootmoedigheid en nederigheid van hart voor God werkt, zal Hij Zichzelf aan u openbaren.
Door middel van kaarten, symbolen, en voorstellingen van verschillende aard, kan de prediker de waarheid duidelijk en helder voorstellen. Dit is een hulpmiddel in overeenstemming met het woord van God; maar wanneer de werker zijn arbeid zó kostbaar maakt, dat anderen niet in staat zjn om uit de schatkist voldoende middelen te putten om hen in het arbeidsveld te onderhouden, werkt hij niet in overeenstemming met Gods plan. Het werk in de grote steden moet gedaan worden volgens Christus’ wijze van werken, en niet op de manier von een komediespel. Het is geen toneelvoorstelling die God verheerlijkt, maar de voorstelling van de waarheid in de liefde van Christus.
Ontneemt de waarheid zijn waardigheid en invloed niet door inleidingen, die meer volgens de orde van de wereld, dan volgens de orde van de hemel zijn. Laat uw hoorders verstaan, dat u bijeenkomsten houdt, niet om hun zintuigen te strelen door muziek en andere dingen, maar om de waarheid te verkondigen in al zijn plechtigheid, opdat die hun tot waarschuwing zal wezen en hen zal doen opwaken uit hun doodslaap van zelfbevrediging. Het is de waarheid, die gelijk een scherp, tweesnijdend zwaard, naar beide kanten snijdt. Dit is het, wat hen die dood zijn in overtredingen en zenden, zal doen opwaken.
Hij, Die Zijn leven gaf om mannen en vrouwen te redden van afgodendienst en zelfzucht heeft een voorbeeld nagelaten, die door iedereen, die het werk van het evangelie aan anderen te brengen op zich neemt moet worden gevolgd. Aan Gods dienstknechten in deze tijd zijn zeer plechtige waarheden te verkondigen gegeven, en hun handelingen en methoden en plannen moeten overeenstemmen met de belangrijkheid van hun boodschap. Wanneer u het woord op de manier van Christus voorstelt, zal uw gehoor diep onder de indruk komen van de waarheden, welke u leert. Zij zullen de overtuiging krijgen, dat dit het woord van de levende God is.
Vormelijkheid in de eredienst
In hun streven om de mensen te bereiken, moeten de boodschappers des Heren niet de wijze van da wereld volgen. In de bijeenkomsten, die gehouden worden, moeten zij niet bouwen op wereldse zangers, en opzienbarend vertoon om belangstelling te wekken. Hoe kan van hen die geen belangstelling hebben in het woord van God, die Zijn woord nooit gelezen hebben met een oprechte begeerte om de waarheden ervan te verstaan, verwacht worden dat ze met geest en verstand zingen? Hoe kunnen hun harten in overeenstemming zijn met de woorden van een gewijd lied? Hoe kan het hemelkoor instemmen met muziek, dat slechts vorm is?
Het kwaad van vormelijke eredienst kan niet te sterk getekend worden want geen woorden kunnen de innige zaligheid van oprechte aanbidding behoorlijk uitdrukken. Wanneer menselijke wezens met de geest en het verstand zingen, stemmen hemelse zangers mede in, en voegen hun stemmen bij het danklied. Hij, Die ons alle gaven geschonken heeft, welke ons in staat stellen om medewerkers Gods to zijn, verwacht van Zijn dienstknechten dat zij hun stammen zullen oefenen, opdat zij op zulk een wijze zullen kunnen spreken en zingen, dat iedereen het kan verstaan. Het is geen hard zingen, dat nodig is, maar heldere intonatie, correcte uitspraak, en duidelijke voordracht. Laat iedereen tijd besteden om zijn stem te oefenen, opdat Gods lof in heldere, zachte tonen gezongen kan worden, en niet hard en schel, zodat het, het oor onaangenaam aandoet. De gave om te zingen, is Gods gave; laat die aangewend worden om Hem te verheerlijken. Er moeten enigen gekozen worden, die in de bijeenkomsten deelnemen aan een zangdienst. En laat het zingen begeleid worden door muziekinstrumenten, die met bekwaamheid bespeeld worden. Wij moeten het gebruik van instrumenten in ons werk niet tegenstaan. Dit deel van de dienst mest met zorg geleid worden; want het is het loven van God door middel van gezang.
Het zingen moet niet altijd door enige weinigen gedaan worden. Zo dikwijls als mogelijk is, moet de gehele gemeente instemmen.
Eenheid in verscheidenheid In de pogingen welke wij doen ton behoeve van de mensen, die de steden wonen, moeten wij, trachten degelijk werk te verrichten. Het werk onder grote bevolkingsgroepen is teveel voor één man om met succes te kunnen werken. God heeft meerdere arbeiders aan wie Hij, verschillende gaven heeft toevertrouwd.
De éne werker is misschien een goed spreker; een ander een goed schrijver; een ander heeft misschien de gave om een oprecht, ernstig, vurig gebed te kunnen doen; een ander heeft de gave van te kunnen zingen; een ander kan misschien bijzondere kracht bezitten om hot woord van God met klaarheid uit te leggen. En iedere gave moet een kracht Gods werden, omdat Hij met de arbeider medewerkt. Aan de een geeft God het woord der wijsheid, aan een ander kennis, aan een ander geloof maar allen moeten onder hetzelfde Hoofd werken. De verscheidenheid van gaven, leidt tot een verscheidenheid van werkingen “maar het is dezelfde God, Die alles in allen werkt.” 1 Cor. 12: 6.
De Here wenst dat Zijn verkoren
dienstknechten leren zullen, hoe
zich te verenigen tot eensgezind
streven. Het mag sommigen
misschien toeschijnen alsof het
verschil tussen hun gaven en de
gaven van een medearbeider te
groot is om zich in eensgezind
streven te kunnen verenigen;
maar wanneer zij gedenken dat,
er verschillende harten
getroffen moeten worden en dat
sommigen de waarheid zullen
verworpen, door de wijze waarop
die door de ene arbeider wordt
voorgesteld, maar wel aanvaarden
van een arbeider die op andere
wijze werkt om hun harten voor
Gods waarheid te openen, dan
zullen zij hoopvol hun best doen
om in eenheid samen te werken.
Hun talenten, hoe verscheiden
ook, kunnen alle onder beheer
van dezelfde Geest staan. Met
ieder woord en iedere daad zal
er vriendelijkheid en liefde
getoond worden; en terwijl
iedere werker zijn bestemde
plaats trouw vervult, zal het
gebed van Christus voor de
eenheid van Zijn volgelingen
verhoord worden, en zal de
wereld weten dat deze Zijn
discipelen zijn.
Wij hebben dit in
het verleden, als een volk, te
veel gedaan; en het heeft het
succes van ons week
tegengehouden. Wij moeten niet
vergeten dat de Here andere
wijze van werken heeft, en dat
Hij meerdere werklieden heeft,
aan wie Hij verschillende gaven
heeft toevertrouwd. Wij moeten
Zijn voornemen zien in het
zenden van zekere mannen naar
bepaalde plaatsen. In zachtmoedigheid van Christus Geen mens moet trachten andere mensen aan zich te binden, alsof hij hen moet leiden, en hen moet zeggen het ene to doen, en het andere te laten, hen te bevelen en voorschrijvende en zich gedragende als een officier, die over een compagnie soldaten beveelt. Dit is de wijze, waarop de priesters en oversten in de tijd van Christus handelden, maar het is niet de juiste wijze. Nadat er harten onder de indruk van de waarheid gekomen zijn, en mannen en vrouwen de leer der waarheid hebben aangenomen, moeten. zij behandeld worden als het eigendom wan Christus, en niet als het eigendom van de mens. Door de geesten van mensen aan u te binden, leidt u er hen toe om zich los te maken. Van de bron van hun wijsheid en vrede. Zij moeten geheel afhankelijk van God zijn; alleen op die wijze kunnen zij, in genade toenemen. Hoe groot de aansprak ook zijn mag, die de mens op de kennis en wijsheid maakt, hij is toch uiterst onwetend met betrekking tot geestelijke zaken, tenzij hij door de Heilige Geest geleerd wordt. Hij moet zijn gevaar en zijn ongeschiktheid beseffen, en zijn volkomen vertrouwen stellen op Hem, Die alleen in staat is de zielen, die aan Zijn zorg toevertrouwd zijn, te bewaren; Die hen met Zijn Geest bezielen, en met onzelfzuchtige liefde tot elkander vervullen kan, en hen op die wijze in staat stelt om te getuigen, dat God zijn Zoen in de wereld gezonden heeft om zondaren zalig te maken. Zij die waarlijk bekeerd zijn, zullen in christelijke eenheid bij elkander staan. Laat er geen verdeeldheid in de gemeente van God zijn, geen onverstandig gezag uitgeoefend worden over degenen, die de waarheid aannemen. De zachtmoedigheid van Christus moet blijken uit al wat er gezegd en gedaan wordt.
Christus is het fundament van iedere ware kerk. Wij hebben Zijn onverander1ijke belofte, dat Zijn tegenwoordigheid en bescherming aan Zijn getrouwen, die naar Zijn raad wandelen, gegeven zal worden. Tot aan het einde van de tijd zal Christus de eerste wezen. Hij is de bron van leven en kracht, van rechtvaardigheid en heiligheid. En hij, is dit alles voor hen; die Zijn juk dragen, en van Hem leren, zachtmoedig en nederig te zijn.
Het is de plicht en het genot van alle evangeliedienaars om Christus voor de mensen te verheffen. Dit is het einddoel van alle ware arbeid. Laat Christus verschijnen; laat het eigen ik echter Hem verborgen worden. Dat is zelfopoffering, die waarde heeft. God neemt zulke zelfopoffering aan. “Alzo zegt de Hoge en Verhevene, die in eeuwigheid woont, en Wiens naam heilig is: Ik woon in de hoogte en in het heilige, en bij dien die van een verbrijzelde en nederige geest is; opdat ik levend make de geest der nederigen, en opdat ik levend make het hart der verbrijzelden. Jesaja 57: 15
Tegenstand ontmoeten
Menigmaal zal er, terwijl u de waarheid verkondigt, tegenstand opgewekt worden, wanneer u tracht om de tegenstand met redetwist te weerstaan, zult u die slechte erger maken en dat mag u niet doen. Spreek alleen bevestigend. Gods engelen zien op U neer, en weten hoe zij indruk kunnen maken om hen, wier tegenstand u weigert met redetwist te beantwoorden.
Houd u niet op met negatieve punten en kwesties, die naar voren komen, maar neemt warheden in o op, en houdt ze door veel onderzoek en ernstig gebed en toewijding des harten in u geheugen. Houdt uw lampen bereid en brandende, en laten er heldere lichtstralen doorschijnen, opdat de mensen, uw goede werken ziende, ertoe gebracht mogen worden om Uw Vader, Die in de hemelen is, te verheerlijken.
Indien Christus in de woestijn van de verzoeking zich niet aan bevestigende waarheden gehouden had, zou Hij alles, wat Hij wenste to winnen, verloren hebben. Christus manier is de beste manier om uw tegenstanders te weerstaan. Wij maken hun argumenten sterker, wanneer wij herhalen, wat zij zeggen. Houd u altijd bij het gevestigde woord. Het mag zijn, dat juist die man, die u tegenstaat, uw woorden met zich naar huis zal nemen, en bekeerd zal worden tot de redelijke waarheid, die zijn verstand is binnengedrongen.
Ik heb menigmaal tot onze broeders gezegd: “Uw tegenstanders zullen dingen van Uw werk zeggen, die onwaar zijn. Herhaalt hun gezegden niet, maar houdt u aan uw beweringen van de levende waarheid; en Gods engelen zullen de weg voor u openen. Wij hebben een groot werk te doen, en wij moeten het op een verstandige manier doen. Wij moeten nooit opgewonden worden, en verkeerde gevoelens laten opkomen. Christus heeft dit niet gedaan, en Hij is ons voorbeeld in alle dingen. Wij hebben, voor het werk dat ons te doen is gegeven, veel hemelse, geheiligde, nederige wijsheid nodig, en veel minder van ons eigen ik. Wij moeten ons de Goddelijke kracht met vastberadenheid toe-eigenen.
Zij, die van het geloof afgeweken zijn, zullen in onze gemeenten komen, om onze aandacht af te trokken van het werk, dat God had willen doen, U moet onder geen voorwaarde uw oren van de waarheid afwenden en tot fabelen keren. Verlies geen tijd met te trachten hem, die smalend over uw werk spreekt, te bekeren, maar laat gezien worden, dat u bezield is door de Geest van Jezus Christus; en Gods engelen zullen woorden in uw wond leggen, die de harten van de tegenstanders zullen treffen. Wanneer deze mensen voortgaan met zich op te dringen, zullen zij in de gemeente, die verstandig zijn, verstaan dat uw standaard de hogere standaard is. Spreekt aldus, dat men zal weten, dat Jezus Christus door u spreekt.
De noodzakelijkheid van ernstige, toegewijde arbeid
Indien onze evangeliedienaars beseften, hoe spoedig de bewoners van de wereld voor de rechterstoel van God gedaagd zullen worden, om rekenschap te geven van de werkingen des lichaams, hoe ernstig zouden zij dan met God samenwerken en de waarheid verkondigen! Hoe onvermoeid zouden zij werken om Gods zaak in de wereld te bevorderen, met woord en daad predikende, “Het einde, van alle dingen is nabij!” 1 Petrus 4:7.
“Schikt u om uw God te ontmoeten,” is de boodschap, die wij overal verkondigen, moeton. De bazuin moet een zeker geluid geven. Helder en duidelijk, moet de waarschuwing uitgaan. “Zij is gevallen, zij is gevallen, het grote Babylon…..Gaat uit van haar. Mijn volk ! opdat gij aan haar zenden geen gemeenschap hebt, en opdat gij, van haar plagen niet ontvangt.” Openb. 18: 2, 4 Deze tekst zou in vervulling gaan. Weldra zal de laatste toets komen tot alle bewoners der aarde. In die tijd zullen er prompte besluiten genomen worden. Zij, die zich onder de verkondiging van het woord van schuld bewust zijn geworden, zullen zich onder de bloedbevlekte banier van Prins Immanuël scharen. Zij zullen inzien en verstaan, gelijk zij, dit nooit tevoren gedaan hebben, dat zij veel gelegenheden hebben laten voorbijgaan om het goede te doen, dat door hen gedaan had moeten worden. Zij zullen beseffen dat zij niet zo ijverig hebben gewerkt, als zij hadden moeten werken, om te zoeken en te redden, die verloren waren, om hen als het ware, uit het vuur te rukken.
Gods dienstknechten moeten niet traag zijn in het benaarstigen, “maar vurig van geest” de Here dienen. Lusteloosheid en werkeloosheid zijn geen vroomheid. Wanneer wij inzien dat wij voor God werken, zullen wij een hoger besef hebben van de heiligheid der geestelijke dienst, dan wij ooit gehad hebben. Dit besef zal leven en waakzaamheid en volhardende werkkracht leggen in de nakoming van iedere plicht.
Godsdienst, reine, onbesmette godsdienst is zeer belangrijk. Niets dan ernstige, toegewijde arbeid zal kunnen baten tot redding van zielen. Wij moeten onze dagelijkse plichten tot daden van toewijding maken en voortdurend van groter nut worden, omdat wij ons werk in het licht van de eeuwigheid zien.
Ons werk is ons door onze Hemelse Vader aangewezen. Wij moeten onze Bijbels nemen en uitgaan om de wereld te waarschuwen. Wij moeten de hulpbiedende hand van God zijn, tot redding van zielen kanalen waardoor Zijn liefde van dag tot dag aan de verlorengaanden toevloeit. Het besef van het grote werk, waaraan het een voorrecht is deel te nemen, veredelt en heiligt de ware werker. Hij wordt vervuld van het geloof dat door de liefde werkt, en de ziel loutert Niets wordt zwaar werk geacht door hem die zich aan Gods wil onderwerpt. Het voor de Here arbeiden is een gedachte, die bekering werpt over alle werk, wat het ook zij, dat God ons te doen geeft.
Verricht al uw week volgens ware godsdienstige beginselen. Laat uw ernstige vraag zijn: “Wat kan ik doen om de Meester to behagen?” Bezoekt plaatsen, waar de gelovigen bemoediging en hulp behoeven. ‘Vraagt bij iedere stap die u neemt: “Is dit de weg des Heren? Ben ik in geest, in woord en daad, in overeenstemming met. Zijn wil?” Indien u voor God werkt met het oog eenvoudig op Zijn heerlijkheid gericht, zal uw week een goddelijke vorm aannemen, en zult u het voornemen des Heren uitvoeren.
U moet in uw onderzoek van Gods woord dieper en dieper door de oppervlakte doordringen, Verkrijg door het geloof Goddelijke kracht en peil de diepten van het woord der inspiratie. Laat de kracht Gods in uw hart werken, gedenkende dat de Here achter u staat. Laat Zijn liefde door al wat u doet of zegt heenstralen. Laat de waarheid, van woord van God, met volle glans schijnen. Verontmoedigt u voor God. Christus zal u vaardig maken. Hij heeft u als leraar over Zijn huisgezin geplaatst, om ter rechter tijd voedsel te geven. De werkers liggen Christus zeer na aan Zijn liefdevol hart. Hij wenst Zijn huisgezin te volmaken door de ijver van Zijn evangeliedienaars.
Christus is de medevoelende, mededogende Verlosser. Door Zijn ondersteunende kracht worden mannen en vrouwen sterk om aan het kwaad het hoofd te bieden. Wanneer de zondaar van zijn zonde overtuigd wordt, ziet hij dat hij een zondig mens is. Hij verwondert zich, dat hij niet reeds vroeger tot Christus gekomen is. Hij ziet dat hij zijn gebreken moet overwinnen, en dat zijn begeerten en hartstochten aan Gods wil onderwerpen moeten worden; dat hij de Goddelijke natuur deelachtig moet worden om het verderf, dat in de wereld is, door begeerlijkheden te ontvlieden. Nadat hij zich bekeerd heeft van zij overtreding van Gods wet, streeft hij er ernstig naar om de zonde te overwinnen. Hij tracht de kracht van Christus genade te openbaren, en wordt in persoonlijke aanraking met de Heiland gebracht. Voortdurend houdt hij Christus voor ogen. Door te bidden, te geloven en de zegeningen, welke hij behoeft; te ontvangen, komt hij nader en nader tot Gods standaard voor hem.
Er tonen zich nieuwe deugden in zijn karakter, wanneer hij zichzelf verloochent en het kruis omhoog heft, en gaat weer Christus de weg aangeeft. Hij heeft de Here Jezus met zijn ganse hart lief, en Christus wordt zijn wijsheid, zijn gerechtigheid zijn heiligmaking en zijn verlossing.
Christus is ons voorbeeld, onze
bezieling, ons gans zeer
uitnemend loon. “Gods akkerwerk,
Gods gebouw zijt gij.” 1 Cor. 3:
9. God is de Bouwmeester, maar
de mens heeft zijn deel van het
werk te doen. Hij moet met God
medewerken. Wij zijn Gods
medearbeiders.” 1. Cor. 3: 9.
Vergeet de woorden nooit: “Gods
medearbeiders” – “Werk aan uw
eigen zaligheid met vrees en
beven; want het is God, Die in u
werkt zowel het willen als het
werken, naar Zijn welbehagen.”
Fil. 2: 12, 13.
Vergeet niet dat uw kracht en uw
overwinning ligt in het werken
met Christus als uw persoonlijke
Heiland. Dit is de rol, die wij
allen moeten spelen. Christus is
de weg, de Waarheid, en het
leven. Hij verklaart: Zonder
Mij kunt gij niets doen.” Joh.
15: 5. En de berouwvolle,
gelovige ziel antwoord: “Ik
vermag alle dingen door
Christus, die mij kracht geeft
Fil. 4: 13. Tot degenen, die dit
doen, komt deze verzekering:
“heeft Hij macht gegeven
kinderen van God te worden.”
Joh. 1: 12. |
||