|
God heeft mij opgeleid en gedisciplineerd, opdat ik de gevaren zou kunnen zien, die de zielen bedreigen, en dat ik Zijn volk zou kunnen onderrichten en waarschuwen, lijn per lijn, voorschrift per voorschrift, opdat zij niet onwetend mogen zijn nopens de plannen van Satan en opdat zij zijn verleidingen mogen ontkomen.
Het werk dat de Heer op een speciale wijze voor mij opengelegd heeft, bestaat erin, jong en oud, geleerd en niet geleerd, ertoe te dringen de Schriften voor zichzelf te onderzoeken; allen op het hart te drukken, dat de studie van Gods Woord de geest zal verruimen en iedere faculteit zal versterken, door het intellect vaardig te maken om met de diepe en verrijkende problemen van de waarheid te worstelen. Het werk dat Hij mij opdroeg moet er ook toe bijdragen allen de zekerheid te schenken, dat een klare kennis van de Bijbel alle andere kennissen overtreft, doordat zij dat maakt van de mens, wat God wenst dat hij zou wezen. Testimonies for the Church Vol 5 Blz. 686.
|
|
 |